🖋️De nieuwe economische strijd: van concurrentiekracht naar innovatie

Vandaag hield de Koning een handelsmissie in eigen land. De bedoeling was om bedrijven uit beide landsdelen nauwer met elkaar in contact te brengen, maar het is ook een goede gelegenheid om de economische prestaties van beide regio’s in een historisch perspectief te plaatsen.

In de jaren zestig bedroeg het verschil in economische groei tussen het noorden en het zuiden van het land nog 2% van het bbp per jaar. Het waren de wonderjaren van de Vlaamse economie; de welvaart verdubbelde in tien jaar tijd. Voor het eerst lag het welvaartspeil in het noorden hoger dan in het zuiden van het land, waar zich na het sluiten van de mijnen amper nieuwe groeipolen ontwikkelden. Het resultaat is dat, volgens de gouverneur van de Nationale Bank, de Waalse economie intussen “voor 70% afhankelijk is van de overheid”.

In de jaren 2000 lag de economische groei in Vlaanderen nog (amper) 0,2% bbp per jaar hoger dan in het zuiden. Maar volgens de meest recente regionale rekeningen dook de groei in Vlaanderen in 2024 voor het eerst onder die van Wallonië, meer bepaald 0,7% bbp lager. Dat lag niet aan een inhaalbeweging vanuit het zuiden van het land, maar aan het feit dat de Vlaamse industrie onder grote druk is komen te staan. In het bijzonder de chemie wordt midscheeps getroffen door de energiecrisis en de handelsoorlog. De economische groei voor het hele land ligt momenteel beduidend onder het Europese gemiddelde (amper 0,7% bbp).

Er is geen reden tot zelfgenoegzaamheid. Eigenlijk moeten alle zeilen worden bijgezet! Net zoals na de energiecrisissen van de jaren zeventig is er nood aan een drastisch herstel van onze concurrentiekracht. Haast alle politieke energie gaat nu — terecht — naar de begroting, maar zonder economische groei wordt het nagenoeg onmogelijk om de schuldgraad weer onder controle te krijgen.

De drie grote pijnpunten van de Belgische concurrentiekracht zijn bekend: trage vergunningverlening, stijgende energiekosten en te hoge loonkosten. Op elk van deze drie domeinen moeten de federale en Vlaamse regeringen een omslag bewerkstelligen. De hervorming van de vergunningverlening, de invoering van een energienorm en de centenindex moeten dan ook zo spoedig mogelijk worden uitgevoerd. (Buitenlandse investeerders gaan echt niet wachten op het confederalisme …)

Maar er is meer nodig. We mogen ons niet beperken tot het stutten van de economische clusters van vandaag; we hebben ook nood aan nieuwe groeipolen. Nieuwe groeipolen vragen om meer dan alleen concurrentiekracht; ze vergen ook innovatie. Na de economische crisis van de jaren zevenig werd in 1983 Flanders Technology gelanceerd, zonder veel subsidies. In tijden van torenhoge jongerenwerkloosheid vormden wetenschap en techniek de “belofte op een goedbetaalde baan”. Het logo was een robot die een mens de hand schudt. Het werd een megasucces. Ouders brachten hun kinderen mee naar de beurs. In Gent ontsproot de biotech, in Leuven de cluster rond nanotechnologie.

Wat zijn de groeipolen van het Vlaanderen van morgen? Zijn we in staat onze historische kennis rond nucleaire energie terug naar de wereldtop te tillen? Zijn de oude coryfeeën op het gebied van kritische grondstoffen in staat om een nieuwe cluster rond circulaire materialen op gang te brengen? Wordt geothermie meer dan een eeuwige belofte? En vooral: hoe bouwen we de chipindustrie rond imec om tot een bloeiende start- en scale-up techscene? Dat alles gesymboliseerd door een AI-robot die de mens de hand schudt?

Economisch herstel vergt meer dan enkel competitiviteit; het vereist ook een cultuuromslag waarbij we kennis, wetenschap, innovatieve nieuwsgierigheid en de appetijt voor risico weer meer gaan waarderen: op school, op de werkvloer en in de maatschappij. Deze week kreeg de Belgische wetenschapster Rosa Rademakers de “Innovation Breakthrough Prize” in de VS. De zaal zat vol met Hollywoodsterren die applaudisseerden voor de sterren van de wetenschap. Die innovatieve spirit moeten we ook in Vlaanderen en Europa nieuw leven inblazen!