📃Onze staatsstructuur is toe aan vereenvoudiging

Gisteren startte de werkgroep institutionele hervormingen in het Vlaams parlement. De aanpak van de coronacrisis door negen verschillende ministers van volksgezondheid heeft de vraag op scherp gesteld of onze staatsstructuur niet te complex is om nog daadkrachtig een crisis aan te pakken. Nochtans telt Duitsland maar liefst zestien regionale ministers van volksgezondheid – met in elke deelstaat andere regels – toch slaagde het land erin de pandemie goed te beheren. Op dit ogenblik doet ons land het trouwens beter dan Nederland, dat slechts één minister van volksgezondheid telt. Daarenboven was er tijdens de tweede golf veel minder sprake over een gebrek aan ‘éénheid van commando’ dan tijdens de eerste golf. Kan het zijn dat het uitblijven van een federale regering tijdens de eerste golf meer bijdroeg tot de politieke onenigheden dan de complexiteit van de structuren?

Toch is onze staatsstructuur toe aan vereenvoudiging, niet in het minst in de gezondheidszorg. Het werk van de coronacommissie in het Vlaams parlement heeft geleerd dat er nood is aan een veel hechtere samenwerking tussen ziekenhuizen, eerstelijnszones en woonzorgcentra. Het federaal regeerakkoord bepaalt dat deze legislatuur reeds werk moet worden gemaakt op het vlak van volksgezondheid van meer homogene bevoegdheden op het niveau van de deelstaten, zonder aan de solidaire financiering te raken. Door meer bevoegdheden te verenigen in één hand, met name Vlaanderen, zetten we concrete stappen in de richting van een vereenvoudiging die de mensen op het terrein vooruit moeten helpen. In geval van pandemie blijft evenwel een federale coördinatie bestaan.

Waar de mensen nu echt geen boodschap aan hebben, zijn grote ideologische debatten over een federale kieskring of ‘twee aparte democratieën’. De gezamenlijke strijd tegen het virus deed de tegenstellingen tussen noord en zuid trouwens tijdelijk vervagen. In het Overlegcomité waren communautaire spanningen eerder uitzondering dan regel. Alle regeringen van het land investeren op gelijkwaardige wijze in een beter statuut voor het zorgpersoneel. En wie had gedacht dat er zo snel een akkoord gesloten zou worden over de verdeling van 6 miljard aan Europese relancemiddelen?

Dit wil evenwel niet zeggen dat er in ons land nu plots een draagvlak zou zijn voor de Make Belgium Great Again ideeën van sommige partijen. Eenmaal de covidcrisis voorbij is, zullen de socio-economische verschillen tussen noord en zuid onvermijdelijk terug de kop opsteken. De herstelpolitiek die de verschillende regeringen op poten zullen zetten, zal daarbij een bepalende rol spelen. Als Magnette het echt meent met zijn Waals regionalisme dan zou hij vooral moeten inzetten op een drastische verhoging van de werkgelegenheid in Wallonië in plaats van een ideologisch debat te voeren over het onderscheid tussen gemeenschappen en gewesten! Het is immers de economische divergentie die leidt tot institutionele divergentie, niet omgekeerd.

Kortom, institutionele hervormingen moeten gericht zijn op concrete vereenvoudigingen in onze staatsstructuur en niet gaan over ideologische debatten over de toekomst van het land. Dat laatste dreigt ons te doen verzanden in een blokkering van de besluitvorming. Met het eerste mikken we daarentegen op werkbare hervormingen die specifiek gericht zijn op de grote uitdagingen die ons nog wachten in het post-coronatijdperk.

Laat een reactie achter:

Uw e-mailadres zal niet worden gepubliceerd.

Site Footer